DOOR OP EEN FOTO TE KLIKKEN KUN JE HET BEKIJKEN IN GROTER FORMAAT EN BETERE KWALITEIT

donderdag 3 oktober 2019

Zangvogels

De tapuit is een insecteneter, die je met zijn slanke gestalte vaak op de grond ziet foerageren. Ze broeden wel in konijnenholen. Omdat er door ziektes minder konijnen zijn, zijn broedende tapuiten  in aantal achteruit gegaan.

Het is geen toeval als je een putter op een distel ziet , want hij wordt wel distelvink genoemd. Ze eten graag de zaden van distels. Deze kleurrijke vogel is het hele jaar aanwezig.

In de winter is de kneu vrij egaal bruin ,maar in zomerkleed krijgt hij een een mooie rode borst en dito petje. Je ziet ze vaak in groepjes foerageren.

De fitis is iets geler van kleur dan de wat algemenere tjiftjaf en zijn poten zijn vaak lichter. Verder lijken ze erg op elkaar. De verschillen in zang zijn wel duidelijk, dus als je het liedje kent, wordt de herkenning een stuk gemakkelijker.

Je ziet de zwarte roodstaart vaak in een stenige omgeving, want het is eigenlijk een rotsvogel. Dit is een vrouwtje, grijsbruin van kleur. Het mannetje is zwart, maar de roestrode staart is bij beide aanwezig.

In het vroege voorjaar, begin maart, is de witte kwikstaart één van de eerste zangvogels die hier weer arriveren. Een mooi moment als je de eerste weer ziet.. Hij is niet te missen, zo veel komt hij voor.


Als laatste vogel van dit rijtje de graspieper. Hij houdt van open landschappen met korte vegetatie. Hier heeft hij ook zijn nest. Het is een algemene vogel in het Lauwersmeer.

dinsdag 10 september 2019

Insecten en planten

Het Lauwersmeer is rijk aan plantensoorten en als je even de tijd neemt, zie je op de planten vaak insecten zitten. Er is veel moois te zien. Hier een lieveheersbeestje balancerend op een rietstengel. De lieveheersbeestjes zien er lang niet allemaal hetzelfde uit, want er er zijn wel zestig soorten.

Een vlieg is niet zo'n troetelinsect als het lieveheersbeestje, maar als hij op zo'n prachtplantje als de parnassia gaat zitten, vormt het een mooi contrast.

 Op deze uitgebloeide pastinaak zit de pyjamaschildwants. Opvallend rood zwart gestreept.  Hij heeft er zijn naam aan te danken en wordt ook wel gevangeniswants genoemd.


Mooi groen gekleurd is de sabelsprinkhaan met zijn opvallend lange voelsprieten en bruine streep op de rug. Je hoort hem wel luidruchtig tsjirpen in de avondlucht. Hier bezoekt hij de wilde margriet, in juni massaal aanwezig.


De veldsprinkhaan valt niet erg op vanwege zijn goede  schutkleur. Hij heeft sterke achterpoten, je ziet hem wel springen als je door wat ruigte loopt. Ze tsjirpen door met met hun achterlijf langs de voorvleugels te wrijven. Door de trilling ontstaat het geluid. Het is de bedoeling dat de vrouwtjes door het geluid worden gelokt.. 
Deze rood bruine kever, de weekschildkever, wordt wel soldaatje genoemd. Je ziet ze vaak op bloemen zitten, zoals hier op de wilde peen. Ze jagen op insecten.


In het Lauwersmeer zijn in de begintijd veel elzen aangeplant. In het voorjaar zie je wel dat ze veel beschadigde bladeren hebben. De boosdoener is het elzenhaantje, een klein metaalachtig zwart kevertje. Je ziet hem hier hard aan het werk om gaten in een elzenblad te vreten.

zaterdag 10 augustus 2019

Vogels van bos en park 2

De appelvink zie je niet zo vaak. Hij is schuw en hij leeft nogal verborgen, vaak hoog in de bomen. Soms in de winter op de grond zoek naar zaad. Hij staat bekend om zijn stevige snavel, waarmee hij een harde noot kan kraken.

 Heel gewoon is de roodborst, die je overal kan waarnemen. Het is een felle rakker als het om het verdedigen van zijn territorium gaat. Je ziet hem vaak op de grond naar vliegjes of diertjes zoeken.

 Een bijzonder gekleurde vogel is het, de groene specht. Hij komt erg weinig voor in het Lauwersmeer. Het is een echte miereneter, dus als je hem ziet, is het vaak op de grond.


Veel minder spectaculair dan de groene specht is de tjiftjaf. Je ziet hem onrustig op de takken van de bomen bewegen op zoek naar insecten. Hij komt veel voor en heeft een herkenbaar geluid.

 Aan het petje op zijn kop kun je de zwartkop herkennen. Bij het vrouwtje is dat bruin, zoals hier op de foto. Alleen het mannetje heeft een zwart petje. Ze staan bekend om hun prachtig heldere zang in het voorjaar.

 De oranje borst maakt de goudvink tot een opvallende vogel. Hij is het hele jaar aanwezig, maar je ziet hem niet zo vaak, ondanks de opvallende kleur, die bij het vrouwtje ontbreekt.


Als je zanglijster heet is dat geen toeval. Al in het vroege voorjaar kun je zijn uitbundige zang horen, vaak vanaf zijn hoge uitkijkpost in een boom. Hij overwintert in Frankrijk of Engeland.

zaterdag 3 augustus 2019

Flora Lauwersmeer 2



Als in juni de zomer is begonnen verschijnen overal de rietorchissen. Ieder jaar een mooi moment in deze voor het Lauwersmeer zo kenmerkende plant. Sommige plekken worden paars geschilderd door de orchideeën.

Het avondlicht viel mooi op deze wat licht uitgevallen rietorchis. De ligweide aan het Nieuwe Robbngat stond er in juni vol mee. Ook de gele rolklaver staat dan in bloei. Het geeft een mooi contrast in kleur.



Als de rietorchissen bijna zijn uitgebloeid, kun je genieten van de moeraswespenorchis. Het is een algemene soort in het gebied, maar is verder in Nederland minder algemeen dan de rietorchis.

In deze tijd van het jaar, de vroege zomer, zie je ook de egelantier met zijn roze rood gekleurde bloemen. Het is één van de weinige inheemse rozensoorten. Het is een nogal doornige struik, veilig voor de vogels. De rozenbottels in het najaar zijn bij veel vogels geliefd voedsel.


Dit is de kleine ratelaar, hij wordt 10 tot 30 centimeter groot en heeft een mooie gele kleur, met een opvallend blauw accent op de tand van de bovenlip van de bloem. Je zit ze in mei verschijnen, maar ze bloeien wel tot september.
Het is een halfparasiet, dat wil zeggen, dat hij voor zijn voeding gedeeltelijk van andere planten, zoals grassen, afhankelijk is.



Als je het over kleur in de natuur hebt, mag de klaproos natuurlijk niet ontbreken. Hier tussen de kamille. Je ziet hem als wilde plant, maar in de buurt van de bebouwing, wordt er ook ruimhartig met zaad gestrooid.

donderdag 27 juni 2019

Juveniele vogels

Het is juni en veel jonge vogels zijn uit het ei gekropen. Het gepiep is niet van de lucht. Deze jonge grote bonte specht is uit het ei gekropen in een holte van een oude boom., waar de specht zijn nest heeft. Grote bonte spechten zijn niet kieskeurig met voedsel en eten ook wel  van de pinda's in de tuin. Dan is het extra leuk als ze de jongen meenemen en gaan voeren. Het duurt niet lang, of de jongen kunnen het zelf. De jonge specht heeft het rode petje op zijn hoofd. De andere specht is de vader met de rode vlek achter op zijn kop.

Ook bij de meerkoet is het etenstijd. De jonge meerkoetjes, meestal een stuk of acht, hebben een aandoenlijk pluizig rood kopje. Ze worden gevoed met waterplanten, maar ook wel slakken en visjes.

De grauwe ganzen zijn er nogal vroeg bij met broeden. Deze foto is begin april in de Bantpolder genomen en de jonge gansjes leren als snel dat het niet elke dag zonneschijn is in het leven. Hier moeten ze een sneeuwbui trotseren.

Nu is het juni en het weer is een stuk aangenamer. De jonge wilde eendjes zwemmen in mooie formatie. Helaas overleven lang niet alle eendjes de begintijd. Onder meer reigers en roofvissen zijn een bedreiging. Gelukkig broeden wilde eenden twee of drie keer.

 Deze jonge gele kwikstaart zat op een rietstengel in de Ezumakeeg. Het is daar vochtig en er loopt vaak vee, daar vinden ze veel vliegjes. Hij wordt nog een stuk geler, maar het begin is er.

Net uit het nest, valt het vliegen nog niet altijd mee. Deze jonge grauwe vliegenvanger landde in zijn eerste vliegpogingen op de auto en kon ik deze bling bling achtige foto nemen.

In het Lauwersmeer zijn verschillende  wanden voor oeverzwaluwen aangelegd. Met succes, zoals dit jong laat zien. Oeverzwaluwen zijn koloniebroeders, ze broeden bij elkaar in gaten van zandafgravingen.